Verbonden Leven

Zoek

Zoektip

Zoektip:

Tik Joh. 1,25 
of tik je specifieke zoekterm in (vb. engel) 

Mt.6,1-6.16-18 (16/06/2021)

Hoed je ervoor je integriteit [gerechtigheid] niet te doen voor de mensen, zodat je zou gezien zijn door hen. Want dan vind je geen vergoeding bij je Vader in de hemel.
Wanneer je dus [een daad van] tederheid doet, bazuin dat dan niet voor je uit zoals de huichelaars [hypocritai, voorbij het oordeel] doen in de plaatsen van samenkomst [synagoge] en op straat, om door de mensen geëerd te worden.
Zeker, ik zeg jullie: Ze hebben hun loon al!
Maar als jij [een daad van] tederheid doet, moet je linkerhand niet weten wat je rechter doet, zodat je [daad van] tederheid in het verborgene blijft. En je Vader die in het verborgene ziet, zal je vergoeden.
En wanneer je bidt, wees dan niet zoals de huichelaars. Zij houden ervan te staan bidden in de synagogen en op de hoeken van de straten om zich te tonen aan de mensen.
Zeker, ik zeg jullie: Ze hebben hun loon al!
Maar als jij bidt, ga dan in je binnenkamer, sluit de deur en bid tot je Vader die in het verborgene is. En je Vader die in het verborgene ziet, zal je vergoeden.
En wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht, zoals de huichelaars. Zij maken hun gezicht ontoonbaar om de mensen te tonen dat ze vasten.
Zeker, ik zeg jullie: Ze hebben hun loon al!
Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht om je niet als vastende te tonen aan de mensen, maar aan je Vader in het verborgene. En je Vader die in het verborgene ziet, zal je vergoeden.

We kunnen globaal wel stellen dat het voor Jezus altijd eerder om het innerlijk gaat dan om het uiterlijk. Dat was in het Oude Verbond eigenlijk ook al zo, maar gaandeweg waren de dingen omgedraaid geraakt (zoals dat zo makkelijk met mensen het geval is). En net dat wil Jezus weer ‘rechtzetten’.
Een innerlijke levensinstelling die met G-d van doen wil hebben, zal zich wel moeten vertalen naar de buitenwereld, maar als ik dat doe ‘voor het oog van die buitenwereld’, dan heb ik de dingen omgedraaid.
Als ik aan de ‘buitenkant’ leef, dan zijn mijn ‘goede daden aan anderen’ – misschien verrassend – veeleer op mezelf gericht:
Zonder de ‘beloning’ van de dank of de lof valt het al snel stil.
Van binnenuit leven is: Mij zó ver terugtrekken dat ik weer in staat ben G-ds oog(je) op mij te voelen.
En dan zal die stroom van voedende liefde wel overstromen naar anderen toe. Dan zal de innige tederheid die G-d voor mij heeft, dóórstromen in mijn omgaan met mensen. ‘Barmhartigheid’ heeft dan niets meer te maken met ‘betutteling’, maar wordt een pure uiting van waarachtige liefde.

 

Mt.6,7-15 (18/06/2020)

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: 'Als je bidt, gebruik dan geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;
want deze menen dat zij door hun veelheid van woorden verhoring zullen vinden. Volgt hun voorbeeld dus niet na,
want vóórdat je Hem vraagt weet jouw Vader wat je nodig hebt. Jij moet daarom zo bidden:
Onze Vader die in de hemel zijt, uw naam worde geheiligd; uw rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven hebben aan onze schuldenaren.
En breng ons niet in beproeving, maar behoed ons voor het kwaad. Want als gij aan de mensen hun fouten vergeeft
zal uw hemelse Vader ook u vergeven; maar als gij niet vergeeft aan de mensen zal ook uw hemelse Vader uw fouten niet vergeven.' 

Jezus vraagt bij mijn gebed geen omhaal van woorden te gebruiken. En dan geeft hij mij de woorden van het Onze Vader.
Nee, veel zijn het er niet. Maar her en der toch wel redelijk onbegrijpelijk.
Blijkbaar was dát voor Jezus nu niet het eerst belangrijke. Nee, ook hier gaat het hem veeleer over het innerlijk, over het hart waarmee ik bid.
‘Bidden’ is geen ‘denken’, eerder een ‘overwegen in het hart’. Al in het Oude Verbond gebruikte men daar de term ‘herkauwen’ voor!
Het Onze Vader moet ik dus niet (be)grijpen, wél herkauwen. Dag in dag uit, jaar in jaar uit, generatie na generatie die enkele woorden
door mij heen laten gaan en ‘kauwendeweg’ zullen ze hun voedzaamheid afgeven, vaak op een heel verborgen wijze, maar daad-werkelijk.
Ik doe er trouwens goed aan te bedenken dat het niet míjn woorden zijn, maar die van Jezus. Híj is het die ze bidt ín mij! Als ‘ik’ dus bid,
geef ik Jézus opnieuw een fysiek lichaam in deze wereld waarmee híj tot G-d kan bidden! Dat dit gevolgen heeft voor het ‘vehikel’ dat ik ben, zal zich wel laten blijken …

Mt.6,7-15 (23/2/2021)

Als je bidt, babbel er dan niet op los, zoals veel volkeren doen.
Zij denken dat ze door hun veelheid aan woorden verhoord zullen worden.
Doe hen niet na! Je Vader weet wat je nodig hebt nog voor je het hem vraagt. Bid als volgt:

Onze Vader in de hemelen,
geheiligd worde jouw Naam,
kome jouw koningschap,
gebeure jouw bedoeling
op aarde zoals in de hemel
Geef ons vandaag
ons nodige brood
en vergeef ons onze schulden
zoals ook wij onze schuldenaren vergeven,
en lever ons niet over aan de aanvechtingen,
maar verlos ons van het kwade.

Want als je de mensen hun misstappen vergeeft, vergeeft je hemelse Vader ook jou;
maar als je aan de mensen hun misstappen niet vergeeft, vergeeft je hemelse Vader ook jou niet.

Over het ‘Onzevader’ zou natuurlijk héél veel te zeggen zijn. Omdat we hier alleen korte bedenkingen geven, is het voornaamste misschien
dat we het gewoon elke dag moeten doen (in beide betekenissen: het bidden én het verwerkelijken, en het tweede vloeit voort uit het eerste).
Een werkzame innerlijke houding daarbij is: ons er terdege bewust van te zijn dat we ‘in Jezus’ bidden, of juister nog,
dat met het bidden van deze woorden Jézus bidt in ons! Los van of ik nu de woorden tot in al hun nuances al of niet begrijp,
geef ik – door ze te bidden – ruimte aan Jezus om ze in deze wereld, vandaag, te ‘doen’!
En opnieuw is er – zoals gisteren – die merkwaardige vereenzelviging: vergeving aan onze medemensen
(wat wij bij een bewust bidden van het Onzevader telkens doen), wordt ‘ipso facto’ ook G-ds vergeving aan ons.
Dit mogen mooie woorden zijn, als ze maar niet een ‘er op los babbelen’ worden …

 

Mt.6,7-15 (17/06/2021)

Als je bidt, babbel er dan niet op los, zoals veel volkeren doen. Zij denken dat ze door hun veelheid aan woorden verhoord zullen worden. Doe hen niet na! Je Vader weet wat je nodig hebt nog voor je het hem vraagt.
Bid als volgt:

Onze Vader in de hemelen,
geheiligd worde jouw Naam,
kome jouw koningschap,
gebeure jouw bedoeling
op aarde zoals in de hemel
Geef ons vandaag
ons nodige brood
en vergeef ons onze schulden
zoals ook wij onze schuldenaren vergeven,
en lever ons niet over aan de aanvechtingen,
maar verlos ons van het kwade.

Want als je de mensen hun misstappen vergeeft, vergeeft je hemelse Vader ook jou; maar als je aan de mensen hun misstappen niet vergeeft, vergeeft je hemelse Vader ook jou niet.

Het hart van het hart van het hart van Jezus’ bevrijdende boodschap, zo noemden we in de inleiding dit centrale deel van de Bergrede. Geen wonder dat het Onzevader zoveel aandacht kreeg (en krijgt?). Er zijn boeken over volgeschreven!
Is het dan zo moeilijk te begrijpen? Dat zou toch jammer zijn voor dat ‘hart’? Helaas ja, waar we het willen (be)grijpen, grijpen we er wellicht naast! Weeral eens: Jezus’ leven en boodschap is veeleer relationeel dan rationeel.
Dat is meteen in zijn volheid al te zien in de aanhef: onze – vader. In alle richtingen wordt verbinding gelegd, telkens wij die woorden in de mond en in het hart nemen. De richting naar G-d toe én de richting naar onze mede-mensen toe. En bemerk dat in die woorden duidelijk wordt dat wij verbonden ráken naar onze mede-mensen, omdát wij verbonden zijn met G-d! Zíjn Vaderschap maakt óns tot broer en zus!
En zo gaat het het hele gebed door: de verbinding die met G-d wordt gelegd/gevraagd, straalt door naar onze verbindingen (of hopelijke verbindingen) met onze mede-mensen. (Ook in de kaderverzen is dat zo.)
Laten wij dus ‘van harte’ bidden: Onze Vader …

Mt.6,19-23 (18/06/2021)

(Tussen 7 en 24 juni hebben we een continue lezing van de Bergrede. Meer dan de moeite waard om wat extra aandacht aan te besteden. In deze rubriek vind je zoals gewoonlijk een duiding bij het stukje lezing dat voorzien is voor deze dag. Ter oriëntering schreven we er ook een inleiding bij over het geheel. Die vind je onder deze link.) 

Stapel voor jezelf geen schatten op aarde op, waar mot en vreter ze ontoonbaar maken en waar dieven inbreken en stelen. Maar stapel schatten in de hemelen op, waar noch mot noch vreter ze ontoonbaar maken en waar dieven niet inbreken en niet stelen.
Want waar je schat is, zal ook je hart zijn.
De lamp van het lichaam is het oog. Als dan je oog één-voudig is [helder, gericht op het ene goede], zal heel je lichaam lichtend zijn. Maar als je oog verdwaasd is, zal heel je lichaam duister zijn. Als het licht in jou duister is, hoe groot is dan de duisternis!
Jezus boodschap is één-voudig.

Dat is altijd zo geweest. Alleen de mensen zijn meer-voudig: ze willen altijd vanalles en zijn ambigu (ze zeggen het een en doen het ander, ze willen het een en doen het ander, ze hebben de (soms oprechte) intentie er voor een ander te zijn, maar zijn er in de eerste plaats voor zichzelf).
Nochtans is het dus één-voudig: “Waar je schat is, zal ook je hart zijn.” Dat is genoeg om de dag – en de rest van onze dagen – mee door te gaan! Aan welke schat ben ik aan het stapelen?
Het vraagt een ‘haplous’ oog: enkelvoudig, op één ding gericht, helder onderscheidend.
Die ‘onderscheiding’ is belangrijk; dat is het waar het fout mee loopt als we ‘verdwaasd’ raken. Als we in één woord zouden moeten zeggen waar dat ‘ene’ over gaat, zouden wij vandaag nogal snel zeggen: de liefde. Dat is niet onwaar, maar vraagt toch ‘onderscheiding’: het gaat níet om de ‘liefde’ zoals die vandaag al te naïef en romantisch (en eigenlijk egocentrisch) wordt ingevuld.
Jezus’ boodschap is één-voudig: liefde en lijden … zijn één!
Al de rést is duisternis …

Mt.6,7-15 (20/02/2024)

     Als je bidt, babbel er dan niet op los,
       zoals veel volkeren doen.
       Zij denken dat ze door hun veelheid aan woorden
       verhoord zullen worden.
8     Doe hen niet na!
       Je Vader weet wat je nodig hebt
       nog voor je het hem vraagt.
9     Bid als volgt:

       Onze Vader in de hemelen,
       geheiligd worde jouw Naam,
10    kome jouw koningschap,
       gebeure jouw bedoeling
       op aarde zoals in de hemel
11    Geef ons vandaag
       ons nodige brood
12    en vergeef ons onze schulden
       zoals ook wij onze schuldenaren vergeven,
13    en lever ons niet over aan de aanvechtingen,
       maar verlos ons van het kwade.

14    Want als je de mensen hun misstappen vergeeft,
       vergeeft je hemelse Vader ook jou;
15    maar als je aan de mensen hun misstappen niet vergeeft,
       vergeeft je hemelse Vader ook jou niet.

De hoeveelheid woorden doet er voor het bidden duidelijk niet toe. Ook dus niet over welke woorden dat dan precies zou moeten gaan. Bidden – zeker te definiëren als communicatie met G-d – moet uit het eigen hart komen en mag/moet dus ook een heel persoonlijke kleur en toon krijgen.
Toch geeft Jezus ons hier specifieke woorden mee, die wij ondertussen wel als standaardwoorden gebruiken in het ‘OnzeVader’. Zitten we daar dan fout mee? Toch niet, denk ik, want ook met het ‘bidden in een persoonlijke kleur en toon’ kan het makkelijk fout lopen. Ook daar is het immers niet de bedoeling ons uit te putten in de mooiste, origineelste of best vallende woorden! Teruggrijpen naar bestaande woorden houdt ons ‘met de voeten op de grond’.
Ook dat wij die ontvangen woorden niet allemaal even duidelijk begrijpen, doet er daarom niet zoveel toe. In de loop van een mensenleven gaan sommige woorden meer spreken, op een ander moment dan weer andere. Belangrijkst is dat wij ons ermee invoegen in het gebed van Jezus zelf. Híj is het die deze woorden ín ons uitspreekt!

Subcategorieën